Pro-Tip – onze experts staan tot uw dienst

Uw Golfstore-pro is een goed opgeleide PGA-pro die grondige extra opleidingen bij Golfstore heeft gevolgd. Daardoor wordt u altijd vakkundig begeleid bij alles wat met golf te maken heeft: uitrusting, custom fitting, lessen, training, raad en tips. Zo haalt u het maximum uit uw golfspel.

Je Golfstore-Pro aan het woord: vijftien veel voorkomende vragen.


Zoals iedereen weet zijn alle golfclubs verschillend. Soms lijken ze op elkaar en hebben ze vergelijkbare eigenschappen. Maar een club waarmee een vriend speelt, is niet per se een goede keuze voor jou. Het hangt van veel factoren af welke clubs voor jou geschikt zijn. Allereerst moeten lengte, loft, lie en shaft geschikt zijn voor je lichaamsbouw. Custom fitting is de enige manier om clubs te vinden die bij jouw lichaamsbouw passen. Zo wordt onder andere je swingsnelheid gemeten, want die beïnvloedt de buigzaamheid en het gewicht van de shaft. Verder zul je ontdekkken of je beter voor stalen of graphite shafts kunt kiezen. Probeer eerst verschillende stokken uit en maak in overleg met je pro een keuze. Hij is bij uitstek diegene die je wegwijs kan maken in het enorme aanbod en kan helpen tot een geschikte keus te komen.

De meeste clubs die je in de winkels vindt, zijn spelverbeterend. Ze zijn zodanig ontworpen dat het effect van een slechte impact beperkt blijft. Deze categorie ijzers heeft doorgaans een groot clubhoofd, een brede toplijn en zool en een laag zwaartepunt, waardoor je de bal makkelijker en steiler omhoog kunt slaan.

Een utility, ook driving iron genoemd, is een goede keuze vanaf de tee wanneer je geen lange ijzers wilt slaan op wat langere korte holes of op korte, smalle par-4 holes. Het is een uitstekend club voor spelers met een hoge swingsnelheid, maar hij is minder vergevingsgezind dan een hybride. Hij speelt wel makkelijker dan een ijzer-3. Een utility is ook goed vanaf de fairway en de rough dankzij de brede zool.

Met een hybride moet je wat steiler swingen en de bal midden in je stand plaatsen. Velen maken de fout dat ze debal te ver naar voren plaatsen. Ik vertel mijn leerlingen altijd dat ze een hybride moeten slaan alsof het een ijzer is. Een swing met een fairway wood moet meer vegend en vlak zijn. Let erop dat je niet te steil naar de bal toe gaat. Een trucje is om de bal verder naar voren te leggen in je stand. Dan kun je hem makkelijker omhoog slaan.

Een lage bounce (0–10°) is ideaal voor slagen vanaf dichtgepakteoppervlakken en harde banen. Dankzij de smalle zool komt de voorzijde van het blad dichter bij de grond, wat een zuiverder balcontact oplevert. Als je in een bunker een wedge met lage bounce gebruikt, dan boort die zich algauw in het zand. Een standaard-bounce (10–16°) is goed voor allround-gebruik. Zulke wedges zijn meestal veelzijdig en kunnen vanuit verschillende posities worden gebruikt. Je kunt ze bijvoorbeeld draaien om het oppervlak meer te openen bij hoge slagen. Hoge bounce (16–18°) is geschikt voor zachte oppervlakken(kiezels en zand). Door de brede flens gecombineerd met een lagere achterzijde wordt voorkomen dat de club zich in de grond boort. In plaats daarvan glijdt hij zacht over de ondergrond. Als je een wedge met hoge bounce op een harde ondergrond gebruikt, riskeer je een getopte slag.

Bij offset-clubs zit het clubhoofd achter de hosel. Dat is het bevestigingspunt van het clubhoofd aan de shaft. Veel golfers vinden het lastig dat het clubhoofd vóór hun handen naar de bal toe draait. Met offset is het makkelijker om het blad te sluiten bij het raken van de bal, wat slice voorkomt. De meeste offset-clubs hebben een gebogen hosel. Dankzij deze verschuiving komen de handen vóór het clubhoofd bij impact. Dan kun je het hoofd nog net wat meer sluiten, zodat het blad haaks komt te staan bij de impact. Het gaat natuurlijk om een fractie van een seconde. Maar in het golf gaat het om details, die beïnvloeden in hoge mate het eindresultaat.

Dat hangt van verschillende factoren af, zoals geslacht, leeftijd, fysiek en talent. Belangrijk is niet dat je ver slaat, maar dat je elke keer even ver slaat en dat je de lengtes van je verschillende clubs goed onder de knie hebt. Als je weet hoe ver je met je ijzer 7 komt, kan dat van betekenis zijn op de baan. Of je een wedge of een 7 gebruikt om 100 meter te slaan maakt verder niet veel uit, ook al wil je natuurlijk zoveel mogelijk uit elke club halen. Bovendien zijn rechte slagen belangrijker dan lange slagen. Een speler die kort maar recht slaat, zal betere resultaten halen. Natuurlijk zijn er gemiddelde lengtes. Die zien er ongeveer als volgt uit.

Club Heren Dames
Driver 180–230 m 135–180 m
Hout 3 160–210 m 110–160 m
Hout 5 155–190 m 95–155 m
IJzer 3 145–180 m 90–145 m
IJzer 4 135–170 m 80–135 m
IJzer 5 125–155 m 70–125 m
IJzer 6 115–145 m 65–115 m
IJzer 7 110–135 m 60–110 m
IJzer 8 100–125 m 55–100 m
IJzer 9 85–120 m 50–85 m
PW 70–110 m 45–70 m
SW 55–90 m 35–55 m

Cavity betekent ‘holte’ in het Engels en verwijst naar de uitsparing aan de achterzijde van het clubhoofd. Zulke uitsparingen zie je vaak bij spelverbeterende ijzers. Dankzij de holte wordt het gewicht naar de perimeter verplaatst. Het resultaat is een club die niet zo gauw ronddraait in je hand wanneer je de bal buiten de sweet-spot raakt. Een muscleback is soms gesmeed en heeft een lagere MOI-waarde dan modellen met een cavityback. Een cavityback heeft vaak een hoger zwaartepunt, wat lage slagen oplevert. Iedereen kan met een muscleback spelen, maar velen zouden het beter niet doen. Of zoals het grapje luidt: “Een muscleback is een club die het best tot zijn recht komt in je tas.”

Net zoals bij je andere uitrusting moet je een bal kiezen die bij je swing past. De compressie geeft aan hoeveel de bal wordt samengedruktop het moment van impact. Wanneer je de bal slaat, wordt hij gecomprimeerd, zodat hij snel wegvliegt. De snelheid neemt toe en de slag is langer. Omgekeerd geldt: als een bal te veel wordt gecomprimeerd, vliegt hij te hoog en krijgt hij te veel spin. Dan verlies je lengte. Ballen voor dames hebben normaal een compressie van 35–50. Dames met een hogere swingsnelheid dan gemiddeld kunnen ballen met een compressie tot 60 aan. Heren met een lage swingsnelheid kunnen met ballen spelen die een compressie van slechts 40 hebben. Bij de heren is de gemiddelde compressie 60 tot 70. Heren met hoge swingsnelheid kunnen een compressie van 75 aan en topspelers 80–90. Denk eraan, liever te lage compressie dan te hoge.

Dat is niet aan te bevelen. Dan maak je het haar als beginnende golfer onnodig moeilijk, wat op zich al kan betekenen dat ze het niet leuk zal vinden. Damesclubs hebben een lichter clubhoofd dan herenclubs om tot een hogere swingsnelheid te komen.

De shafts van damesclubs zijn gemiddeld een inch korter dan die van herenclubs. Bovendien zijn ze lichter en hebben ze meer flex. Ook de loft is anders. Met name bij de drivers geeft dit een hogere vertrekhoek en meer lengte. De grips zijn wat dunner en korter, speciaal voor kleinere handen. In onze winkels vind je uitstekende damessets voor een redelijke startprijs. Laat haar liever zo’n set proberen. Dat loont zich op termijn.

Absoluut! Zulke clubs zijn het proberen waard als je tot een van de volgende categorieën behoort.

  • Beginners. Leren golfen gaat vaak makkelijker als je niet voor elke club een aparte swing moet oefenen. Met one-length clubs heb je minder om rekening mee te houden en leer je sneller bij.
  • Lange ijzers. Als je moeite hebt om met lange ijzers recht te slaan, krijg je een beter resultaat met clubs die dezelfde lengte hebben als een ijzeren 7.
  • Lange spelers. Als je lang bent, krijg je een heel andere swing wanneer je je moet buigen om met je wedge te slaan.
  • Chip yips. Als chippen niet goed lukt, proberen veel spelers het met hun ijzeren 8 omdat die meer zekerheid biedt. Langere wedges geven meer loft om te chippen en zijn beter in het korte spel.

Wat je mist bij one-length clubs is het duidelijke verschil in snelheid dat je bij een gewone ijzerset normaal wel hebt. Door de verschillende lengtes bewegen de clubhoofden in verschillende snelheden. In combinatie met de loft beïnvloedt dit natuurlijk hoe ver de bal vliegt. Als alle ijzers van een set dezelfdesnelheid maar verschillende lofts hebben, is het verschil in snelheid niet zo groot. Maar denk eraan, kleine lengteverschillen tussen de clubs kunnen beter zijn dan grote variaties in lengte wegens een onregelmatig slagpatroon.

Golf is goed voor je gezondheid. Je wandelt ongeveer tien kilometer tijdens een ronde. Dat komt neer op 11.000 tot 17.000 stappen. Volgens het British Journal of Sports Medicine verbrand je ongeveer 1.500 calorieën – tenzij je natuurlijk met een golfcart rijdt. Uit een Zweedse studie uit 2008 die in het Scandinavian Journal of Medicine & Science in Sports werd gepubliceerd, blijkt dat golfers tot vijf jaar langer leven dan niet-golfers.

Zoveel calorieën verbrand je:

18 holes met draagtas 1 548 calorieën
18 holes met trolley 1 408 calorieën
18 holes met golfkar 984 calorieën

Het hangt ervan af hoe groot de krassen zijn. Als de schaal beschadigd raakt, bv. doordat de bal op een steen terechtkomt, kun je beter een nieuwe bal nemen. Als de beschadigingen minimaal zijn, kun je gewoon voortspelen. Moderne golfballen gaan immers lang mee. Maar tourspelers nemen het zekere voor het onzekere. Zij vervangen al na enkele holes de bal om zeker te zijn dat ze optimaal presteren.

Een fairwaywood heeft een langere shaft, wat een hogere clubsnelheid geeft en idealiter in langere slagen resulteert. Het clubhoofd van een fairwaywood heeft meestal een laag zwaartepunt en is breder dan dat van een hybride, gemeten vanaf het slagvlak tot de achterkant. Bij dit bredere clubhoofd zit het zwaartepunt meer achterin. Daardoor start de bal hoger en vliegt hij langer bij een fairwaywood dan bij een hybride met dezelfde loft.

Een zachte bal kan ofwel een zachte schaal ofwel een zachte kern hebben. Dat laatste beïnvloedt de compressie van de bal. Hoe beter de compressie op je swingsnelheid afgestemd is, hoe verder en hoe rechter je slaat. Een bal met een zachte schaal spint meer, ook bij een driver. In het korte spel geeft dit meer controle, want de bal ‘bijt’ beter en stopt sneller. Een bal met een zachte kern spint minder, ook bij de driver. Als je last hebt van zijwaartse spin, bv. slice, kun je het best een bal met een zachte kern en een harde schaal kiezen.