Get close!

Wil je lage scores halen? Dan heb je niet genoeg aan lange drives en goede ijzers. Je korte spel met je wedge is net zo belangrijk. “Denk eraan dat je het meest traint met de clubs die je het vaakst gebruikt”, zegt Adrian Morley, Golfstore-Pro bij Goyer G&CC & Hilversumsche GC.

Je korte spel is op elk handicapniveau belangrijk voor je resultaten. Als je niet zo vaak met het juiste aantal slagen de green bereikt, is je korte spel de sleutel om een zo goed mogelijke ronde te spelen.
“Hoewel alle statistieken aantonen dat je lange spel het meest bepalend is voor je resultaten, heb je een goed kort spel nodig om op terug te vallen wanneer je lange slagen het laten afweten”, betoogt Golfstore-Pro Adrian Morley.
Volgens Adrian besteden golfers doorgaans te weinig tijd aan hun wedge-techniek.
“Vergeleken met het aantal uren dat de meeste ‘gewone’ golfers trainen, staat dit niet in verhouding tot hoe ze het er op de baan van afbrengen.”
Hoe verhoog je dan het niveau van je wedge-spel? Adrian vindt dat je om te beginnen je wedges tegen het licht moet houden: hebben ze de juiste loft, bounce en grind voor jouw techniek in het korte spel?
“Je kunt ook bij je lokale Golfstore-Pro terecht voor advies hoe je de bal het best kunt adresseren en voor oefeningen om fouten in je techniek te corrigeren”, zegt hij.

Wat zijn typische fouten die golfers maken wanneer ze op hun wedge-techniek trainen?
“Veel golfers oefenen alleen hun techniek. Je blijft op dezelfde plek staan en slaat ballen naar hetzelfde doel. Dit soort training is goed als je een nieuwe positie in je swingbeweging wilt vinden. Maar om je korte spel te verbeteren, moet je ook variatie in je training aanbrengen. Op de baan heb je maar één kans en elke slag telt mee.”
Adrian geeft zijn eigen leerlingen de raad om hun trainingen in drie segmenten op te delen: techniektraining (vanaf dezelfde plek naar hetzelfde doel slaan), skillstraining (vanuit verschillende posities naar verschillende doelen slaan) en speltraining.
“De speltraining gebeurt op de baan. Je hoeft niet elke keer een scorekaart mee te nemen als je op de baan speelt. Af en toe kun je enkele holes spelen als training, waarbij je je op een bepaald aspect van het spel concentreert. Zorg ervoor dat je rond elke green ten minste twee korte ballen slaat. Vergeet ook niet je bunkerslagen met verschillende clubs en vanuit verschillende posities te trainen. Als je daar echt goed in wordt, kun je heel wat slagen besparen tijdens een ronde.”

5 snelle tips om beter te chippen

1. Vind je beginhouding
Sta met je voeten dicht bij elkaar. De breedte van een clubhoofd ertussen is een goede uitgangspositie. Houd je rug recht en plaats je gewicht op je voorste been. Met een smalle stance en je gewicht op je voorste been kun je eenvoudig het laagste punt van je swing controleren.

2. Balplaatsing
Voor een normale chip shot moet je de bal net voor je borstbeen plaatsen. Je kunt ook experimenteren door de bal wat naar voren of naar achteren te plaatsen ten opzichte van je stance om de lengte, hoogte en roll van je chip shots te variëren. Oefen met verschillende clubs en let op de verschillende hoogte en roll die je chip shots krijgen al naargelang de loft van de club.

3. Gebruik de bounce van je club
Je moet je club het liefst niet naar het doel kantelen bij je stance of bij de impact als je de zool van je club (bounce) wilt gebruiken. Met Shaft lean wordt namelijk de ‘leading edge’ blootgesteld, waardoor je riskeert dat de club zich in de grond vastboort in plaats van door het gras te glijden.

4. Zoek je ritme en je gevoel
Met gespannen spieren worden je armbewegingen nerveus en houterig en missen ze flow en tempo. Gebruik je lichaam om je armen te roteren en probeer te ontspannen en het gewicht van het clubhoofd in de hele beweging te voelen. Laat de zwaartekracht werken: het gevoel dat je de bal in de baan van de beweging van je club laat komen bij de impact.

5. Verschillende landingspunten
Houd een landingspunt voor ogen en oefen om dat te raken. Maak een of meer landingszones met wat clubs, oplijnstokken, een handdoek of iets dergelijks op de oefengreen. Probeer de bal op de landingszones of op de handdoek terecht te laten komen, vanuit verschillende posities en met verschillende clubs.