De Ryder Cup van 1927 en de weg tot de top

Het verhaal van FootJoy gaat terug tot 1857. In Brockton, Massachusetts, werkte Frederick Packard als schoenmaker bij zijn vader, maar hij besloot te stoppen. Niet lang daarna richtte hij een eigen zaak op en in 1910 nam hij Harvard-student Perley Flint aan boord. In 1923 hield het bedrijf, toen nog Field & Flint, onder de werknemers een prijsvraag voor een nieuwe naam. Een vrouw stond op achter haar naaimachine en riep: “FootJoy!”

Zij won de prijs van 50 dollar en het schoenenmerk kreeg een toepasselijke naam.

Flint was een bevlogen golfer en het duurde niet lang of FootJoy bracht zijn eerste golfschoen uit. Daarmee werd het fundament gelegd voor het oudste nog bestaande en succesvolste schoenenmerk.

Deze eerste FootJoy-schoen verscheen in 1923 en was een handgemaakte leren schoen die veredeld was met metalen spikes onder de zool. Vier jaar later voerde Walter Hagen, alom bekend om zijn extravagantie en zijn aparte stijl, op de Worcester Country Club het Amerikaanse Ryder Cup-team aan. Hij besliste dat de Amerikanen FootJoy-schoenen zouden dragen.

Een van de spelers, Johnny Farrell, was meteen zo verliefd op de schoenen dat hij besloot om ze ook op de US Open van 1928 te dragen. Hij won het toernooi na een play-off van 36 holes tegen de legendarische Bobby Jones. Deze eerste officiële touroverwinning was het startschot voor iets groots. Nu, bijna honderd jaar later, heeft het bedrijf al 8000 overwinningen op de tour behaald.

En succes genereert succes.
Het was uiteraard fantastische reclame dat Arnold Palmer, Jack Nicklaus, Gary Player en andere grote sterren voor FootJoy kozen, maar dankzij de feedback van de spelers was FootJoy ook in staat om jaar na jaar zijn product te verfijnen. Dit verklaart waarom FootJoy tot op de dag van vandaag de populairste keuze is op de grote internationale golftours.